Overslaan en naar de inhoud gaan
Dienst Heelkunde
Sint-Andries Ziekenhuis Tielt
Menu

Thrombose kliniek

Het postthrombotisch syndroom

Patiënten met een diepe veneuze trombose worden in eerste instantie behandeld met bloedverdunners en compressie (zie ook vorige pagina). De bloedstolsels in de diepe venen kunnen daardoor deels of geheel oplossen na verloop van tijd. Dit proces kan gemakkelijk meerdere maanden in beslag nemen.

Postthrombotisch SyndroomAls die bloedklonters uiteindelijk toch opgelost geraken, is de ader weer doorgankelijk. Maar dat lukt niet altijd. Soms is er blijvend verstopping van de ader, dan spreken we van obstructie in de terugstroom van het bloed richting het hart. Als echter de kleppen van de diepe ader beschadigd zijn en er dus een terugstroom (=reflux) van bloed ontstaat in de diepe ader spreken we van ‘insufficiëntie’. In beide gevallen zal de terugstroom van het bloed belemmerd zijn en zal de druk in de diepe aders stijgen (= veneuze hypertensie). Dit kan een aantal symptomen en veranderingen aan het lidmaat veroorzaken; de patiënten klagen van een vermoeid been. Ze zijn sneller vermoeid na het stappen of moeten zelfs stoppen na het stappen van een bepaalde afstand (= veneuze claudicatio). Die last verdwijnt snel met rust. Patiënten kunnen ook last hebben van pijn en zwelling van het lidmaat. Het been gaat opzetten en er ontstaan bruin-okerachtige hard aanvoelende vlekken op het been, voornamelijk aan de binnenkant van het onderbeen. Het been kan verder verlittekenen en dunner worden. Op termijn kan er ook een open wonde ontstaan (=ulcus) dat meestal heel pijnlijk is.

Obstructie

Het oplossen van een bloedstolsel gaat gepaard met een ontstekingsproces. Hierdoor kan na het oplossen van de bloedklonter, de binnenkant van de ader onomkeerbaar beschadigd zijn. Er kan zich littekenweefsel in de ader ontwikkeld hebben. Dit littekenweefsel kan de ader gedeeltelijk of volledig dicht maken. Het bloed kan dan nog steeds niet, of slechts beperkt, door die diepe ader naar het hart toe gepompt worden. In zo’n geval spreken we van obstructie. Afhankelijk van de uitgebreidheid en de lokalisatie van die obstructie, kunnen beperkte of meer uitgesproken symptomen en afwijkingen ontstaan. Hoe hoger (dichter bij de buik) die obstructie zich bevindt, hoe meer last die berokkent. Bij langdurige last kan die obstructie ook behandeld worden. Zo kunnen vernauwingen van aders in de onderbuik weer mooi open gemaakt worden door gebruik te maken van een stent. Hiervoor zijn thans speciaal ontworpen stents beschikbaar.

Soms moet er ook heelkundig ingegrepen worden. Het obstruerend littekenweefsel in de ader wordt dan weggeknipt om aldus de ader weer mooi doorgankelijk te maken. Zo’n procedure wordt een ‘endoflebectomie ‘ genoemd. Dit kan bv ter hoogte van de lies gebeuren, waar meerdere aders samenvloeien tot één grotere ader. Soms moet er een combinatie van stenting en endoflebectomie gebeuren.

Insufficiëntie

Als de ader terug doorgankelijk wordt na de behandeling met bloedverdunners, kan het zijn dat de kleppen van die diepe aders beschadigd zijn. Als er verder niet veel littekenweefsel aanwezig is, kan dit aanleiding geven tot ‘diepe insufficiëntie”. De diepe ader kan dus het bloed niet meer efficiënt naar boven toe pompen, met als gevolg zelfs een terugstroom van het bloed in de diepe ader (=reflux). Dit geeft ook aanleiding tot de klassieke symptomen van het postthrombotisch syndroom (zie hoger). In eerste instantie wordt dit conservatief behandeld, door middel van steunkousen en mobilisatie. Indien dit  echter onvoldoende resultaat geeft en de patiënt complicaties ontwikkelt, zoals een ulcus, kan er een indicatie zijn voor een klepreconstructie. Er zijn meerdere methoden om dat te doen. Soms kan er een heelkundig herstel gebeuren van de klep, doch dit is niet mogelijk als die teveel beschadigd is. Dan kan er eventueel een nieuwe klep gecreëerd worden door een flap te maken van de binnenkant van de ader. Deze reconstructie wordt een Neo-valve genoemd. Na zo’n behandeling dient de patient opnieuw bloedverdunners in te nemen voor meerdere maanden, gecombineerd met het dragen van steunkousen.

Beide technieken worden in ons ziekenhuis aangeboden. We zijn ook gespecialiseerd in de behandeling van deze pathologie (het postthrombotisch syndroom).

Dr. Daphné Van den Bussche

Dr. Daphné Van den Bussche

Vasculaire en Thoracale Heelkunde – Varices

Dr. Peter Lissens

Dr. Peter Lissens

Algemene en Gastro-intestinale Heelkunde – Proctologie – Slokdarmheelkunde (AZ Delta)

Dr. Mehrdad Biglari

Dr. Mehrdad Biglari

Algemene en Hepatobiliaire Heelkunde – Senologie

Dr. Marc Vuylsteke

Dr. Marc Vuylsteke

Vasculaire en Thoracale Heelkunde – Varices

Sint Andries Ziekenhuis - Tielt
Het Sint-Andriesziekenhuis is een loco-regionaal ziekenhuis, gelegen aan de rand (langs de Ringlaan) van het centrum van Tielt in de provincie West-Vlaanderen.